In navolging van het Europees Kettingzaagcertificaat, dat ondertussen vijftien jaar bestaat, is er nu ook een soortgelijk certificaat voor bosmaaiers uitgewerkt. In de tien deelnemende landen van voornamelijk West-Europa is dit kettingzaagcertificaat uitgegroeid tot een vaste waarde. Met het Bosmaaiercertificaat wil de organisatie dezelfde weg opgaan: de veiligheid vergroten en de mobiliteit tussen gebruikers in alle landen bevorderen door middel van een certificaat.
We spraken met Valentijn De Cock, Inhoudelijk Verantwoordelijke bij Inverde voor onder andere de cursussen rond bosmaaiergebruik. Het grootste gedeelte van zijn tijd verzorgt hij opleidingen voor kettingzagen, bosmaaiers en ander klein handgereedschap en volgt hij externe lesgevers op. Vragen over opleidingen en de inhoud van de cursussen komen bij hem terecht. Het merendeel van de klanten zijn groenaannemers en verantwoordelijken van openbare besturen die hun medewerkers op cursus sturen.
Het Bosmaaiercertificaat begint met het oplijsten van criteria waaraan iemand die met een bosmaaier werkt, moet voldoen. Valentijn: ‘Vanuit de deelnemende landen hebben we medezeggenschap gehad bij het opstellen van die normen zodat we een mooi evenwichtig geheel hebben dat in alle landen toepasbaar is.’
Iemand die in België gecertificeerd is om met een bosmaaier te werken, kan zich evengoed in Frankrijk, Spanje, Italië of Nederland uit de slag trekken. Dat is trouwens de achterliggende bedoeling van het certificaat: mobiliteit van werknemers, veiligheid en uniformiteit garanderen.
Het tweede deel is het scoreblad (checklist) dat op een afgewogen manier gaat beoordelen of de deelnemer aan de standaarden voldoet. Op vlak van de veiligheid in het werkveld wordt er onder meer gekeken naar het gebruik van de juiste PBM’s (persoonlijke beschermingsmiddelen) en of de gebruiker zijn dagelijks onderhoud vlot kan uitvoeren.
In tegenstelling tot het Kettingzaagcertificaat geldt dit Bosmaaiercertificaat dan voor zowel benzine- als accuaangedreven bosmaaiers. De reden hiervoor is wellicht dat er meer en meer bosmaaiers op accu verkocht worden naast die op benzine.
Een laatste deel van de certificeringsproef is het effectief werken met de machine: de deelnemers gaan aan de slag met twee snijgarnituren (maaikop met draad en een metalen snijgarnituur zoals een grassnijblad, slagmes of hakselmes) waar ze vlot en veilig mee moeten kunnen werken en die ze onderling op de juiste manier moeten kunnen verwisselen. Zo moeten ze bijvoorbeeld de juiste beschermkap mee overzetten enzovoort.
Valentijn: ‘We beginnen met een theoretische, korte test onder de vorm van multiplechoicevragen die op een tablet wordt afgelegd. Daarna zien we of iemand een juiste inschatting van de situatie, het terrein en het risico kan maken: moet er bijvoorbeeld signalisatie worden voorzien, enzovoort. Een volgende stap is dat je de juiste PBM’s gebruikt en dat je controleert of je machine goed in orde staat. Wie hier de nodige aandacht aan geeft, is al heel goed – lees veilig – op weg. Daarnaast is ergonomie belangrijk. Dat is heel ruim. Dat gaat over het juist monteren van de machine in het draagharnas en aan het lichaam, het gebalanceerd links en rechts werken met de machine, werken met de armen en niet pivoteren op de wervelkolom … Wanneer je met een maaimes in hoog gras werkt, dien je ervoor te zorgen dat je maaisel mooi in rijen wordt afgelegd en niet door elkaar ligt. Leer dus inschatten welk maaigarnituur je gebruikt in de gegeven omstandigheden. Aan het eind letten we er ook op hoe de gebruiker zijn machine opbergt, of hij de onderhoudspunten kent, of hij zijn slagmes in orde kan zetten enzovoort.’
Valentijn: ‘Niet omdat Inverde de opleiding bosmaaier organiseert, maar vanuit de praktijk, zien we dat de gebruikers die de opleiding bosmaaier van één of twee dagen gevolgd hebben veel vlotter hun certificaat halen. (Voor alle duidelijkheid: deze opleiding van Inverde staat los van het EBC.) Uiteraard kan iemand die veel maaiervaring heeft zonder problemen een certificaat behalen als hij de standaarden eerst rustig doorneemt en wat theoretische begrippen leert gebruiken. Op www.ecopedia.be zijn er trouwens filmpjes te bekijken die alles tot in detail duidelijk uitleggen. Een aanrader!’
‘Iedere cursist brengt bij voorkeur zijn eigen bosmaaier mee omdat hij hiermee de meeste affiniteit heeft en het gekende dan ook onmiddellijk kan toepassen op de juiste machine. Inverde zelf zal een aantal certificeringsdagen per jaar organiseren, of komt ter plaatse bij een werkgever die dit voor zijn personeel wil organiseren. Die moet in dat geval een proefterrein en een atelier voorzien. Wij voorzien om ongeveer vijf gebruikers per dag te kunnen certificeren en de eerste dag is voorzien nu in september.’
‘Voor het Kettingzaagcertificaat werken we in Wallonië samen met GC Conseil en de Forem (https://www.inverde.be/examens-certificaten/ european-chainsaw-standard/european-chainsaw-standards-en- francais/centre). Een samenwerking die wellicht in de toekomst voor het Bosmaaiercertificaat ook niet uitgesloten wordt.’
Een eerste praktische tip is om je mes te testen op onbalans. Daarvoor bestaan er malletjes, of balanceerapparaten die wel iets duurder zijn. De malletjes meten of de punten van het mes even lang zijn en het mes dus in balans is. Een balanceerapparaat werkt met de hulp van de zwaartekracht en geeft aan waar er nog materiaal moet worden weggehaald. Als het mes in onbalans is, kan het worden bijgevijld of onder de juiste hoek worden geslepen. Een mes in onbalans geeft trillingen, zorgt voor meer slijtage en verbruik voor het toestel en werkt onveiliger.
Er wordt aangeraden om (bij een bosmaaier met een benzinemotor) meer met het gas te spelen en gas bij te geven bij belasting of te verminderen als er weinig belasting is. Dat geeft minder trillingen, verbruik en slijtage. Bij een accuaangedreven maaier ga je dan zoeken tot je de ideale snelheid hebt en tegen dit toerental blijf je dan werken. Hier verbruik je veel meer stroom als je constant van toerental verandert.
Valentijn: ‘Ik merk ook dat het bij een accumaaier niet altijd aangenaam werken is op de hoogste snelheid: de trillingen nemen toe en het resultaat wordt er niet noodzakelijk beter door. Er zijn ook accumachines met automatische snelheidsregeling, een nuttige optie voor wie veel uren met een bosmaaier moet draaien.’
‘Ik geef de voorkeur aan een grassnijblad of een slagmes omdat je minder vermogen nodig hebt dan bij het werken met een maaidraad. Een slagmes gebruik je zodra het gras zo hoog staat (>20 cm) dat je het op een rijtje kunt leggen. Als het gras korter is en over het terrein verspreid mag worden, of als er veel obstakels zeker aangewezen.
Ook bij het werken met maaidraad bijvoorbeeld is het aan te raden om een veiligheidsbril en -gelaatsscherm (met oorkappen) te gebruiken omdat het risico op projectie hier vrij groot is. Ben je daarentegen op een egaal grasveld met een lichte trimmer bezig, dan is de kans op projectie van bijvoorbeeld steentjes veel kleiner. Afhankelijk van de situatie – denk aan te maaien vegetatie, gebruikt snijgarnituur, vermogen van de machine – moet de professionele gebruiker (leren) inschatten welke persoonlijke beschermingsmiddelen hij gebruikt.
De EFESC is de overkoepelende organisatie die zich inlaat met het organiseren van het Kettingzaag- en Bosmaaiercertificaat.
De European Forestry and Environmental Skills Council (EFESC) werd in 2009 opgericht en is een ledenorganisatie van vertegenwoordigers van de industrie en organisaties die de certificeringsprocessen voor vaardigheden en competenties op nationaal niveau beheren en bewaken. De doelstellingen van de EFESC zijn het definiëren en handhaven van minimumnormen voor beroepen in de buitenlucht, zoals bosbouw, landschapsarchitectuur, boombewerking en tuinbouw, die in alle Europese landen kunnen worden toegepast. Met het stellen van normen draagt de EFESC bij aan de verbetering van de veiligheid en gezondheid en de mobiliteit dankzij de uitwisselbaarheid van de certificaten.
De vertegenwoordiging van de EFESC wordt in België door Inverde geregeld. Inverde is aangesteld als het Nationaal Agentschap voor deze certificering.
Op de website van de EFESC zijn alle documenten en standaarden te vinden.
We hebben onlangs bij wijze van proef een handige maaischaar van Echo aan de tand kunnen voelen. Deze DTT-2100 maaier, die qua maaitechniek gebaseerd is op het mes van een heggenschaar, is ontworpen om onder meer gras en onkruid op (half)verhardingen veilig te kunnen maaien. Veilig betekent hier met zo min mogelijk rondvliegende steentjes of andere objecten.
Deze maaischaar beschermt de ondergrond, en doordat er gemaaid wordt door een heen en weer bewegend mes in plaats van een sneldraaiende rotatieve beweging is het risico op projectie nagenoeg nul.
Deze 56V-machine gebruikt een lithiumionbatterij en borstelloze motor, de messen kunnen als geheel gemakkelijk en snel worden vervangen. Het mes wordt gedragen door een combinatie van twee kunststof sleepvoetjes en twee wieltjes. Daardoor is het mogelijk om de machine over de grond te laten lopen zonder het gewicht te moeten dragen. Afhankelijk van de lichaamslengte van de gebruiker kan de hoek van de messen worden aangepast van 0 naar 15, 30 of 45°. De effectieve snijbreedte bedraagt 46 cm. Het geheel weegt 3,7 kg waardoor het heel handelbaar is.